terug

Bellse Parese (2013)

Vogels zonder vleugels

Er zat een meisje bij een boom
Ze zei: Ik had vannacht een droom
Een open veld, een lange man
Die prekend uit een boek daar stond
En na elk woord dat hij had verteld
Boog elk wezen van dat veld
Vogels zonder vleugels
Mensen zonder mond
Niemand durfde de bossen in
Die schaduw, die vertwijfeling
Ze dachten: elk nieuw begin
Is veel kouder dan die open grond
Dus bogen bomen naar die man
Hij zal het dus wel weten dan
Dachten vogels zonder vleugels
En mensen, mensen zonder mond
Het meisje zei dat ze ook wist
Waarom een vogel vleugels mist
Want ze droomde in haar droom vannacht
Dat zij er twee weer vleugels gaf
Nou, de eerste vloog maar was zo bang
Ze vloog niet hoger dan die man
Dus greep de man haar uit de lucht
En sneed haar vleugels af
En de tweede dacht dat zij wel kon
Vliegen nog voorbij de zon
Haar vleugels smolten
En ze stortte neer op de open grond
Dus boog de hemel voor die vent
Toen vrijheid leek op onbegrensd, of angstig was
Als de vogels zonder vleugels
Of als mensen zonder mond
Dus buigen bomen voor die man
Hij brengt ons echt geen vrijheid want
Hij snijdt alleen de vleugels af bij vogels
Hij schept mensen zonder mond